Deze vrijdagavond presenteert Joost Dijkema zijn debuutplaat Sacred Revelations. Een gebeurtenis waar ik me al maanden op verheug. Afgelopen jaar mocht ik hem van dichtbij volgen voor m’n Groningse popdocument. En wat een jaar ís het voor deze fingerpickinggitarist, die in een mum van tijd van zolderkamermuzikant uitgroeide tot betoveraar van een volle zaal in De Oosterpoort.

Dat van die zolderkamermuzikant is natuurlijk wat overdreven, want de meesten van jullie hebben Joost waarschijnlijk al eens eerder zien optreden met Loud Squirt, Reverse Cowgirls, Recipees, of solo. Misschien zelfs wel als piepjong drummertje in Rolde. Voor een 27-jarige heeft hij al veel meters gemaakt.
Joost Dijkema is een muzikale omnivoor die vooral in energieke bands speelde, maar als jonge knaap al een brede en eigenwijze smaak ontwikkelde. Zo is hij ook al jaren fan van fingerpicking-grootheden als Michael Chapman, Jack Rose en John Renbourn. Toch moest er, een paar jaar geleden, een ongelukje aan te passen komen voor Joost noodgedwongen overstapte op vingerplectrums.

Krap twee uur voor een optreden brak hij een nagel van z’n tokkelhand. Hij spoedde zich naar Muziekhuis Westerhaven (gelukkig bij hem om de hoek), kocht een paar van die lange nepnagels, oefende als een bezetene en trad er even later mee op. “En dat ging eigenlijk wel aardig,” zegt hij er zelf over.
Het smaakte in elk geval naar meer. Zelfs letterlijk: hij had ook steeds meer plectrums nodig: het ging van twee naar drie, naar vier en tenslotte kreeg –heel ongebruikelijk- zelfs de pink ook ‘een feesthoedje’. Omdat hij kramp kreeg. “Die pink hing er maar wat bij.” En zo kon Joost de melodieën die hij in zijn hoofd hoorde beter spelen. Daar trok hij gerust een hele dag voor uit.
En het hek was helemaal van de dam toen hij in 2015 de 12-snarige gitaar herontdekte, en dan met name alternatieve stemmingen. “En als je er ook nog een beetje reverb op doet krijgt het een andere dimensie. Er ging een wereld voor me open.”
Als een monnik heeft Joost twee jaar lang op z’n zolderetage hele dagen gitaar gespeeld. Dat jullie niet denken dat hij het allemaal even achteloos uit zijn mouw schudt. “Ik kan urenlang zo spelen, tot ik erbij neerval. Of ik mezelf erin verlies? Of ik vind mezelf erin, dat kan ook. Soms is het net alsof ik tijdens het spelen in een soort droom zit.”

Wees gerust beminde Vera-broeders en –zusters van de harde muziek: zijn liefde voor de elektrische gitaar heeft Joost godzijdank niet vaarwel gezegd. En van Recipees gaan we ook nog meer horen. Maar het gaat hier nu over zijn solowerk en dat is bepaald niet dertien-in-een-dozijn.

En het was zijn broer Jeroen (speelde ook in Loud Squirt) die de kwaliteit meteen herkende en Joost motiveerde hiermee naar buiten te treden. “Dit moeten meer mensen horen,” zei Jeroen al een paar jaar geleden toen zijn jonge broer nog op zolder oefende. Je kunt misschien zelfs stellen dat zonder Jeroen de prachtplaat Sacred Revelations niet zou zijn verschenen. Hij richtte er speciaal een label voor op: Twin Dimensions Records.
En romantici als de Dijkema’s zijn, moest de muziek natuurlijk volledig analoog worden opgenomen. Dat gebeurde in de Twangwolf Studio van Hans Hanneman in Nieuwe Pekela. Zonder haast of druk, want daar hebben we al genoeg van in deze wereld.
Uiteraard moest het album ook op vinyl verschijnen en werd de Amerikaanse kunstenaar Steve Krakow (Plastic Crimewave) benaderd voor het artwork. Die maakte er een coproductie van met Sara Gossett.

Het duurt dan allemaal even wat langer, maar dan heb je ook wat. Een plaat van tijdloze kwaliteit, die -als je ‘m eenmaal opzet- ook telkens tot het einde wilt horen. En dat in een tijd dat het album bijna is doodverklaard.

Ik kreeg Sacred Revelations een paar weken geleden al toegestuurd en luister ‘m sindsdien minstens één keer op een dag. Zonder overdrijving is dit volgens mij een mijlpaal voor de Groningse popmuziek. Joost Dijkema neemt de luisteraar mee op zijn reis, met melancholieke lonerfolk en met dromerige instrumentals - virtuoos gespeeld, zonder te willen imponeren.
Hij zingt z’n teksten -die zich niet meteen prijsgeven- met doorleefde stem. Onder zijn karakteristieke petje en achter die pretogen schuilt een ‘old soul’ die wel iets te vertellen heeft. In het titelnummer steekt hij bepaald niet onder stoelen of banken dat hij de afgelopen jaren ook mindere perioden heeft gekend. Larmoyant klinkt hij nergens.

Sommigen van jullie zagen Joost hier al in april toen hij in het voorprogramma stond van Marc O’Reilly, ook geen misselijke gitarist. De Ier was net als de meeste aanwezigen ook zeer onder de indruk was. “That was class man!” zei hij na afloop.
Daarna ging het crescendo met Joost. Hij won nog meer zieltjes op Noorderzon en kort daarna wond hij in z’n uppie de bijna geheel gevulde kleine zaal van de Oosterpoort om z’n vingers - dat is weinigen gegeven. Oké, hij liet zich bij een paar liedjes bijstaan door violiste Heta Salkolathi van Town of Saints, die ook op de plaat meedoet. En inmiddels heeft Joost (op 11-11) alweer in de Oosterpoort gespeeld, deze keer in het voorprogramma van King of the World.

Het enige jammere van die optredens was dat zijn nieuwe fans met lege handen naar huis moesten. Vanaf vanavond hoeft dat niet meer.

Hij speelt dus al in grotere zalen, maar dat Joost zijn soloalbum in Vera zou presenteren was eigenlijk al jaren geleden duidelijk. Toen hij als tiener zijn eerste Vera-concert (van The Hunches) zag, brutaal backstage ging “en mijn Almost Famous-moment beleefde” en zichzelf voornam er ook eens op het podium te staan. “Het is altijd een droom geweest om in Vera te spelen.”
Hij heeft hier zelfs als student Muzienmanagement nog een tijdje stage gelopen, destijds als de jongste stagiair ooit. Maar het moge duidelijk zijn: Joost Dijkema moet niet achter of naast het podium werken, maar erop.

Het belooft een bijzondere avond te worden met liefst drie voorprogramma’s. Bevriend muzikant John Hekert en David Lamain (van De Kat) spelen een aantal liedjes. En de broers Dijkema wisten zelfs de Engelsman Andy Cartwright (aka Seabuckthorn) over te halen naar Groningen te komen om deze avond met zijn dromerige soundscapes nog meer glans te geven. En dan heeft Joost aan het eind van de avond ook nog een verassing in petto, waar ik verder niets over mag zeggen.
- Igor


English:
SEABUCKTHORN (UK)
is the solo project of UK acoustic guitarist Andy Cartwright. Releasing 6 albums since 2008 he explores alternative terrains on six to twelve strings, often with minimal layered accompaniments to produce a musical landscape. Cartwright uses the techniques of finger picking & bowing combined with various open tunings to form a well curated mixture of approaches. Falling into the cinematic and soundtrack genre’s, it’s evident of influences ranging from the traditional styles of Robbie Basho and Jack Rose, to more modern players like Ben Chasny, Zak Riles, and Gustavo Santaolalla with whom Cartwright shares an emphasis on atmospheric and multi-instrumental compositions. Sometimes quietly ambient, often powerfully expressive.
DAVID LAMAIN
David Lamain (born in Delfzijl) is a man of few words. Yet while his disposition is calm and cool, his relationship with music is anything but that. When it's time to write new tracks or begin a new project, his single-mindedness and work ethic dominates his whole being.
JOHN HEKERT

Interesting guitar driven singer-songwriter project from the amazing pedalboard-freak  John Hekert, who is originally from Aberdeen but lives in Groningen a quite some time now.